NWCC

Reactie van de Nederlandse Welsh Corgi Club op de publicatie van de vereniging Raad van Beheer op Kynologisch Gebied in Nederland betreffende ontzetting.

 

 

Inleiding..

 

De vereniging ´Raad van Beheer‘op kynologisch gebied in Nederland´ (RvB) heeft bij haar brief van 15 september 2005 de Nederlands Welsh Corgi Club (NWCC) doen weten dat is besloten tot ontzetting van laatstgenoemde uit het lidmaatschap.. Daarnaast is dit besluit gepubliceerd in de kynologische pers. De NWCC hecht er aan om op die publicatie te reageren. De inhoud van de dergelijke publicatie dient juist, volledig en zorgvuldig te zijn. Dit nu is niet het geval.

 

Anders dan de RvB stelt de NWCC een ieder die daarom verzoekt een map ter beschikking met daarin stukken in fotokopie die de inhoud van haar reactie bewijzen. Daarom kan aan het secretariaat worden verzocht. 

 

Voorgeschiedenis..

 

Het is juist dat de RvB begin 2003 werd benaderd inzake een initiatief om te komen tot de oprichting van een zelfstandige Welsh Corgi Pembroke vereniging. Het ging hier om enige NWCC leden die na een wat rumoerige verlopen bijzondere algemene vergadering van de NWCC voorstelden om eventueel een zelfstandige Pembroke vereniging op te richten. De RvB was van dit feit volledig op de hoogte, middels de gebruikelijk toegezonden notulen..

 

Het is juist dat de RvB de NWCC bij brief heeft benaderd met de vraag of bezwaar bestond tegen de oprichting van voornoemde Welsh Corgi Pembroke vereniging. Deze brief dateert niet - zoals de RvB aangeeft - van 23 april 2003, maar van 25 april 2003.. Zijdens het NWCC bestuur is de RvB bij brief van 29 april 2003 bericht dat geen bezwaar bestond tegen de oprichting van een zelfstandige Welsh Corgi Pembroke vereniging..

Echter deze brief was enkel ondertekend door de secretaris van de NWCC die nu juist één van de leden was die in de voornoemde bijzondere algemene vergadering - mede - het onderspit heeft moeten delven. De RvB is op geen enkele wijze nagegaan of wel juist was hetgeen voornoemde secretaris deed voorkomen. Immers aan een dermate ingrijpend besluit van de NWCC zou in elk geval de ondertekening van haar voorzitter in de rede hebben gelegen als ook het oordeel bij stemming van een bijzondere algemene vergadering, conform de statuten van de NWCC.

 

Per 3 juni 2003 - en enkel op grond van de brief van de voornoemde NWCC secretaris - is door de RvB ingestemd met de afscheiding van het ras Welsh Corgi Pembroke en de aansluiting van de rasvereniging van de Welsh Corgi Pembroke bij de RvB, alhoewel de toetreding pas in augustus 2003  definitief werd.

 

Al spoedig - bij brief van 7 juli 2003 - ontving de RvB van (het bestuur van) de NWCC het bericht dat wel degelijk ernstige bezwaren bestonden tegen de erkenning van de nieuwe rasvereniging. Op 14 september 2003 vond er een gesprek plaats tussen de RvB en de NWCC waarin dit onderwerp indringend ter sprake kwam.

 

De cruciale vraag is hier wie wat moet worden verweten: de NWCC omdat haar secretaris als Einzelgänger en met een eigen belang de brief van 29 april 2003 zond naar de RvB óf de RvB die in haar oordeelsvorming enkel afging op die brief in de weet dat binnen de NWCC een minderheid tot problemen leidde.

 

Het is juist dat de Geschillencommissie voor de Kynologie het op 17 juli 2004 gedateerd besluit van de RvB heeft gesteund. Zelfs een minder begaafd lezer zal tot het oordeel komen dat deze commissie op alle fronten de RvB in bescherming heeft genomen en op talloze punten heeft aangegeven hoe de RvB misschien heeft gedacht. De vraag is cruciaal in hoeverre deze Geschillencommissie onafhankelijk is in haar oordeelsvorming.

 

Het is juist dat de RvB aan de NWCC bij memo van 12 januari 2005 heeft bericht dat haar de belangenbehartiging van het ras Welsh Corgi Pembroke formeel is ontnomen.

 

Het is juist dat de NWCC bij brief van 8 april 2005 door de RvB een aantal sommaties zijn gedaan, zoals wijzigen van de statuten en alle publicaties en foto’s verwijderen uit het clubblad en van de NWCC site.

Het is in deze goed te weten dat van de 550 NWCC leden, meer dan de helft Pembroke eigenaren/fokkers zijn die alleen lid willen blijven van de NWCC.

 

Het is juist dat de NWCC zich nadien heeft voorzien van adviezen van een juridisch adviseur. De RvB geeft echter de navolgende feiten niet weer hetgeen de odeur oproept van een minder zorgvuldige voorlichting van het kynologisch publiek.

 

Voornoemde adviseur heeft zich bij brief van 25 april 2005 gewend tot de heer J.T.C. Duyster van de RvB met de opmerking dat na bestudering van de op 8 april 2005 gedateerde brief op de kwestie inhoudelijk en gemotiveerd zou worden teruggekomen. De heer voorzitter van de RvB is per gelijke datum afschrift van deze brief gezonden.

 

Bij een uitvoerige brief van 8 mei 2005 heeft voornoemde adviseur substantieel gereageerd op de brief van de RvB die was gedateerd op 8 april 2005. Daarbij is opgemerkt dat de NWCC komt tot een finaal antwoord indien een inhoudelijke reactie van de RvB op deze brief volgt.

 

Voornoemde adviseur heeft bij brief van 10 mei 2005 de heer Duyster het onderhoud met zijn secretaresse bevestigd (de heer Duyster wenste hem niet te woord te staan) dat aan de NWCC niet de bestuursnotulen worden overgelegd inzake de RvB vergaderingen van 1 juni 2004, 17 januari 2005 en 8 april 2005, aangezien deze vergaderingen “besloten” zijn geweest. Verzocht is aan te geven op welke bepalingen die “beslotenheid” is gebaseerd.

 

Bij brief van 12 mei 2005 is door de heer Duyster aan voornoemde adviseur aangegeven dat het contact met hem wordt ingeperkt, gelet op diens bejegening van medewerkers van de RvB. Aan die medewerkers is opdracht gegeven de adviseur niet meer telefonisch te woord te staan.

 

Bij brief van 18 mei 2005 heeft voornoemde adviseur aangedrongen op overlegging van hetgeen door hem eerder werd verzocht. Een kopie van deze brief ging naar de voorzitter van de RvB.

 

Aan voornoemde voorzitter is bij brief van 2 juni 2005 de stand van zaken bericht. Verzocht is om de informatie, als waarom bij herhaling verzocht, te doen aanreiken. Tevens is verzocht om een inhoudelijke reactie op de uitgebreide brief van de NWCC-adviseur die was gedateerd op 8 mei 2005, aangezien met een dergelijke reactie de NWCC-leden zouden kunnen worden tegemoet getreden.

 

Tussen de NWCC adviseur en de voorzitter van de RvB hebben zich een tweetal, telefonische, gesprekken plaatsgevonden die per onderhoud uren in beslag namen. Bij die gelegenheid is onvoorwaardelijk door deze voorzitter gesteld dat de RvB aan het democratisch gehalte de hoogste prioriteit toekent en slechts uitgaat van de meerderheid.

 

Tot op heden zijn echter niet de stukken als waarom door de NWCC verzocht overgelegd en is evenmin gereageerd op de brief van 8 mei 2005 die de NWCC door haar adviseur aan de RvB deed toekomen.

 

Het is aan de lezer om over deze feiten een mening te vormen.

 

 

PS.

Misschien zouden we de raad een kleine handreiking moeten geven hoe de kwestie op te lossen is......door heel simpel het huishoudelijk reglement van de RvB. aan te passen zodat er meerdere verenigingen een ras mogen vertegenwoordigen. Hebben ze ook in de toekomst veel minder problemen en het draagvalk voor de kynologie wordt aanzienlijk groter, wat ook weer zijn vruchten kan afwerpen .. o.a. voor de fokkerij